Voorbeeld vaststellingsovereenkomst

VASTSTELLINGSOVEREENKOMST (ex art. 7:900 e.v. BW)

Ondergetekenden:

1. de besloten vennootschap Bedrijfsnaam B.V., statutair gevestigd te Amsterdam, kantoorhoudende te (1084 AG) Amsterdam aan het adres Schuedenestraat 104, te dezer zake rechtsgeldig vertegenwoordigd door haar directeur, de heer H. Peters, hierna te noemen: “werkgever”;

en

2. de heer A. Janssen, geboren op 3 april 1975, wonende te (1084AA) Amsterdam aan het adres Opaallaan 3, verder te noemen: “werknemer”;

beide ondergetekenden hierna ook gezamenlijk aan te duiden als partijen;

Nemen het volgende in aanmerking:

– Werknemer is op 10 mei 2004 in dienst getreden bij werkgever;

– Werknemer ontving laatstelijk een salaris van € 1.967,- exclusief vakantiegeld en overige emolumenten per vier weken. Op de arbeidsovereenkomst is de CAO Bedrijfsverzorging van toepassing;

– Tussen werkgever en werknemer is een verstoring in de arbeidsrelatie ontstaan. Gedurende het afgelopen jaar zijn er ernstige verschillen van mening gerezen over de wijze waarop de werkzaamheden door werknemer dienden te worden uitgevoerd. Partijen hebben hierover meerdere malen van gedachten gewisseld in de hoop tot een oplossing van de ontstane problemen te komen. In dat kader zijn tussen werkgever en werknemer duidelijke afspraken gemaakt, onder meer met betrekking tot de communicatie over en weer alsmede ter zake van de wijze van uitoefening van de werkzaamheden door werknemer. In eerste instantie leek het verschil van inzicht ook daadwerkelijk te zijn afgenomen. Na verloop van tijd bleek echter dat het verschil van inzicht juist toenam, ondanks het feit dat werknemer getracht heeft zich te conformeren aan de door de werkgever gewenste werkwijze;

– Een voorzetting van het dienstverband behoort inmiddels helaas niet meer tot de mogelijkheden. Dit is aan geen der partijen te wijten. Zowel werkgever als werknemer hebben zich ten volle ingezet teneinde de gerezen verschillen van mening uit de weg te ruimen, doch zonder resultaat. Thans is er sprake van een verstoring in de arbeidsrelatie als bedoeld in artikel 7:669 lid 3 sub g BW, te weten een zodanig verstoorde arbeidsverhouding dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Er is uitdrukkelijk geen sprake van een dringende reden in de zin van artikel 7:678 BW;

– Werknemer heeft in eerste instantie aangegeven dat hij in dienst wil blijven. Beide partijen hebben daarover verschillende keren overlegd. Het resultaat daarvan is dat werkgever en werknemer allebei geen mogelijkheden zien om het dienstverband voort te zetten. Beide partijen hebben daarom afgesproken om de arbeidsovereenkomst te beëindigen. Partijen wensen hetgeen zij zijn overeengekomen vast te leggen in deze vaststellingsovereenkomst.

– Werkgever heeft werknemer er uitdrukkelijk op gewezen dat werknemer vanaf de dag volgende op de datum van ondertekening van deze vaststellingsovereenkomst door werknemer, het recht heeft om deze vaststellingsovereenkomst uiterlijk binnen 14 kalenderdagen te ontbinden. Dit ontbindingsrecht komt aan werknemer niet toe indien werknemer binnen zes maanden voorafgaande aan de ondertekening van deze overeenkomst reeds gebruik heeft gemaakt van zijn herroepings- of ontbindingsrecht met betrekking tot de beëindiging van het dienstverband van werknemer bij werkgever;

En verklaren te zijn overeengekomen als volgt:

1. Datum einde arbeidsovereenkomst

1.1 De arbeidsovereenkomst tussen partijen eindigt met wederzijds goedvinden met ingang van 27 maart 2017. Bij deze einddatum is de toepasselijke opzegtermijn in acht genomen conform § 2, artikel 7 van de CAO.

2. Arbeid, doorbetaling van loon en eindafrekening

2.1 Werknemer wordt vanaf de datum van ondertekening van deze vaststellingsovereenkomst vrijgesteld van werk tot 27 maart 2017. Werkgever zal het loon tot die datum doorbetalen. Vergoedingen (bijvoorbeeld onkosten of reiskosten) of toeslagen die verband houden met het verrichten van arbeid worden niet doorbetaald. Na 27 maart 2017 zal werkgever de eindafrekening opmaken, inhoudende de uitbetaling van eventueel opgebouwd vakantiegeld (naar rato) en eventuele opgebouwde maar niet genoten vakantiedagen. Voor het overige is werkgever, tenzij uit deze overeenkomst anders blijkt, vanaf 27 maart 2017 niets meer aan werknemer verschuldigd ter zake van de arbeidsovereenkomst. Werknemer doet uitdrukkelijk afstand van alle rechten voortvloeiende uit de arbeidsovereenkomst met ingang van 27 maart 2017.

3. Arbeidsongeschiktheid

3.1 Voor zover nodig zal werknemer zich voor het einde van het dienstverband hersteld melden en zich noch voor het einde van de arbeidsovereenkomst noch binnen één maand en één dag daarna arbeidsongeschikt melden.

3.2 Indien werknemer zich binnen de hiervoor in artikel 3.1 bedoelde periode wel arbeidsongeschikt meldt, zal werknemer werkgever hiervan uiterlijk binnen drie kalenderdagen na de ziekmelding schriftelijk op de hoogte stellen.

3.3 Werkgever behoudt zich het recht voor om aan werknemer, indien hij zich binnen de hiervoor in artikel 3.1 bedoelde periode arbeidsongeschikt meldt terwijl werknemer op dat moment niet werkzaam is voor een andere werkgever en ook geen werkloosheidsuitkering ontvangt, gedurende de eerste 104 weken van arbeidsongeschiktheid voorschriften te geven omtrent het verstrekken van inlichtingen door werknemer aan werkgever alsmede voorschriften te geven die gericht zijn op het herstel van werknemer. Werknemer is gehouden gevolg te geven aan deze voorschriften van werkgever.

4. Vergoeding bij einde dienstverband

4.1 Werknemer zal binnen een maand na de einddatum van de arbeidsovereenkomst een vergoeding ontvangen ten bedrage van het netto-equivalent van € 10.548,- bruto.

5. Verrekening

5.1 Werkgever verklaart dat werknemer haar geen bedragen meer verschuldigd is.

6. Inleveren van zaken die aan werkgever toebehoren

6.1 Alle zaken alsmede alle bescheiden van werkgever die werknemer onder zich heeft, worden in goede staat en met alle toebehoren uiterlijk op 24 maart 2017 ten kantore van werkgever door werknemer ingeleverd.

7. Bedingen met een postcontractueel karakter

7.1 Werknemer wordt na het einde van de arbeidsovereenkomst vrijgesteld van de verplichtingen die voortvloeien uit een eventueel concurrentie- en/of relatiebeding. Het geheimhoudingsbeding blijft onverkort van kracht.

8. Onthouden van negatieve uitlatingen

8.1 Partijen zullen zich onthouden van het doen van uitlatingen die op enigerlei wijze schadelijk zijn of kunnen zijn voor (de goede naam van) de ander.

9. Getuigschrift

9.1 Werkgever zal op verzoek van werknemer hem een getuigschrift verschaffen, overeenkomstig artikel 7:656 lid 2 BW.

10. Finale kwijting

10.1 Werknemer verleent werkgever finale kwijting voor alle aanspraken, anders dan vervat in deze regeling, uit hoofde van de arbeidsovereenkomst of de beëindiging daarvan en verklaart – ook overigens – niets meer van werkgever te vorderen te hebben uit welke hoofde dan ook met uitzondering van hetgeen in deze regeling is opgenomen.

10.2 Werknemer doet door ondertekening van deze overeenkomst expliciet afstand van eventuele overige aanspraken die werknemer heeft op basis van de toepasselijke CAO en/of aanverwante regelingen en/of de tussen partijen geldende arbeidsovereenkomst, zoals bijvoorbeeld wachtgeld, bovenwettelijke uitkeringen, VUT, contractuele afvloeiingsregeling etc. waarop werknemer in verband met de beëindiging van het dienstverband mogelijkerwijs aanspraak zou kunnen maken.

10.3 Werkgever behoudt zich het recht voor om vergoeding te vorderen van schade die het gevolg is van opzettelijk of bewust roekeloos handelen van werknemer, voor zover na ondertekening van deze overeenkomst daarvan mocht blijken.

11. Ander inkomen uit werk

11.1 Werknemer verklaart door ondertekening van deze vaststellingsovereenkomst dat hij bij het aangaan van deze overeenkomst geen inkomen uit ander werk dan wel een reëel vooruitzicht daarop heeft.

11.2 Indien blijkt dat werknemer bij het aangaan van deze overeenkomst al ander

inkomen uit werk, zulks in de ruimste zin des woords (uitzendwerk daaronder begrepen) had gevonden, dan wel een reëel vooruitzicht daarop had, dan wel ter zake relevante informatie heeft verzwegen, dan komt het recht op een vergoeding als bedoeld in artikel 4 te vervallen, terwijl de overige bepalingen van deze overeenkomst van kracht blijven.

12. Voortijdig ontslag

12.1 In deze overeenkomst is als uitgangspunt genomen dat de arbeidsovereenkomst

voorafgaand aan de overeengekomen einddatum niet op een andere wijze is geëindigd wegens gedragingen van werknemer die een dringende reden opleveren in de zin van artikel 7:677 BW of een tekortkoming in de zin van artikel 7:686 BW dan wel op basis van een oorzaak waaraan de wet het gevolg van beëindiging van de arbeidsovereenkomst toekent.

12.2 In het geval zich voor de in artikel 1.1 genoemde beëindigingsdatum voor werkgever een dringende reden voordoet die ontslag op staande voet rechtvaardigt, eindigt deze vaststellingsovereenkomst op het moment van het verlenen van het ontslag op staande voet. In het geval zich een tekortkoming in de zin van artikel 7:686 BW voordoet, eindigt deze vaststellingsovereenkomst op de datum waarop deze overeenkomst als gevolg van vorenbedoelde tekortkoming rechtsgeldig wordt ontbonden. Indien de arbeidsovereenkomst eindigt wegens een oorzaak waaraan de wet het gevolg van beëindiging van de arbeidsovereenkomst toekent, dan eindigt deze vaststellingsovereenkomst op het moment waarop de arbeidsovereenkomst ingevolge de wet eindigt. In afwijking van het in deze overeenkomst bepaalde eindigt in dat geval de verplichting van werkgever tot doorbetaling van het salaris op het moment van opzegging, ontbinding dan wel beëindiging van rechtswege en is werkgever aan werknemer geen enkele vergoeding verschuldigd ingevolge deze overeenkomst.

13. Gevolgen ontbinding ex artikel 7:670b BW

13.1 In het geval werknemer gebruik maakt van zijn recht om deze overeenkomst binnen 14 kalenderdagen na ondertekening te ontbinden middels een schriftelijke verklaring, dan komen alle rechten en plichten die partijen over en weer jegens elkaar hebben ingevolge deze overeenkomst te vervallen, waaronder doch niet uitsluitend het eventuele recht op een vergoeding als bedoeld in artikel 4 en het eventuele recht op een tegemoetkoming in de kosten van rechtsbijstand.

13.1 Eventueel reeds ontvangen prestaties dienen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen zeven kalenderdagen na de dag van ontbinding ongedaan gemaakt te worden. Partijen dragen daarvan ieder de eigen kosten.

13.2 Indien werknemer is vrijgesteld van de verplichting om de overeengekomen werkzaamheden te verrichten, dient werknemer deze werkzaamheden na ontbinding met onmiddellijke ingang te hervatten. Indien werknemer is vrijgesteld van de verplichting om de overeengekomen werkzaamheden te verrichten met behoud van loon, dan worden de dagen waarop werknemer geen arbeid heeft verricht doch waarover werkgever wel loon heeft betaald, verrekend met opgebouwde c.q. nog op te bouwen vakantierechten. Is dit niet mogelijk, dan worden deze dagen niet uitbetaald in verband met artikel 7:627 BW. Als ze al uitbetaald zijn, worden deze dagen zo spoedig mogelijk verrekend.

14. Vaststellingsovereenkomst

14.1 Deze overeenkomst is een vaststellingsovereenkomst in de zin van artikel 7:900 BW. Op deze overeenkomst is Nederlands recht van toepassing.

14.2 Partijen zijn bevoegd om deze vaststellingsovereenkomst aan te gaan.

14.3 De hierbij gesloten overeenkomst is bindend voor partijen door ondertekening. Parafering van elke afzonderlijke pagina bevestigt dat de artikelen op deze pagina de desbetreffende voorwaarden juist weergeven.

14.4 Partijen zullen ook na het eindigen van de arbeidsovereenkomst gebonden zijn aan de op hun rustende verplichting tot geheimhouding in de ruimste zin des woords. Partijen zullen aan derden geen mededelingen doen over de inhoud van deze afspraken, tenzij de uitvoering van deze overeenkomst of een wettelijke verplichting dit noodzakelijk maakt. Als die situatie zich voordoet en door een derde worden vragen gesteld die beantwoord moeten worden, dan zullen partijen met elkaar in overleg treden alvorens deze derde zal worden geïnformeerd. Deze informatieverstrekking zal nooit in strijd met de waarheid kunnen zijn. Werkgever staat er niet voor in dat werknemer ten gevolge van de beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst aanspraak kan maken op enigerlei uitkering krachtens de sociale verzekeringswetgeving. Het niet, niet geheel of niet tijdig verkrijgen van een dergelijke uitkering is niet van invloed op de in deze overeenkomst door partijen getroffen regeling.

14.5 De vaststellingsovereenkomst is onmiddellijk van kracht.

14.6 Partijen doen na het verstrijken van de bedenktermijn als bedoeld in artikel 13 van deze vaststellingsovereenkomst uitdrukkelijk afstand van hun bevoegdheid in of buiten rechte gehele of gedeeltelijke ontbinding en/of vernietiging van de onderhavige vaststellingsovereenkomst te vorderen.

Aldus overeengekomen en in tweevoud opgemaakt te Amsterdam op … januari 2017.

Namens werkgever:                                                      Werknemer:

H. Peters                                                                         A. Janssen

Namens Bedrijfsnaam B.V.

085 065 3469

(Ook ’s avonds en in het weekend)

GRATIS check vaststellingsovereenkomst

Laat uw overeenkomst kosteloos door onze juristen controleren.

Bel mij terug

Vul uw naam en telefoonnummer in. Wij bellen u binnen 20 minuten terug.